Vissen

Ontmanteld

Vanuit een grijze lucht miezert het al de hele dag. Anton heeft een dunne, doorzichtige poncho over zijn colbert aangetrokken maar is toch door en door nat geworden. Druppels water zakken langs de slierten van zijn haar langzaam naar beneden, voor ze uiteenspatten op zijn ogen. Regendruppels vallen tussen het boord van zijn overhemd en zijn nek.

Al uren tuurt hij over het water naar zijn dobber. De vissen laten zich niet vangen vandaag. Hij trekt de hengel omhoog om te kijken of het aas nog leven heeft. De made spartelt vol levenslust aan het haakje.

Misschien moet hij het toch maar eens vertellen, peinst hij. Straks als hij thuiskomt en met een doornat colbert uit zijn auto stapt, zal ze toch iets vermoeden, zou je denken. Het is al vreemd dat ze er tot nu toe niets over gezegd heeft. Waarom vraagt ze niets en luistert ze alleen maar? Zal ze ook vandaag glimlachend commentaar geven op zijn verhalen? Dat doet hem eraan denken dat hij nog het verhaal van de dag verzinnen moet. Iets over vergaderen met de raad van bestuur? Een leuke grap over Robert-Jan met zijn secretaresse?

Anton haalt uit zijn aktetas de sandwich met gerookte zalm, rucola en roomkaas die hij bij het tankstation heeft gehaald. De koffie is nu echt koud. Hij kijkt op zijn horloge. Half twee. Hij moet nog even. Anton sjort zijn stropdas wat losser. ‘Hé, heeft hij beet?’

Leave a reply


Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.